Maandag 25 november 1996
Meer schoonheid dan passie bij Lee Konitz
Plaats: De Brouwershoeck, Leeuwarden. Concert: Lee Konitz Quartet Bezetting: Lee Konitz, altsaxofoon; Rein de Graaff, piano; Koos Serierse, bas; Eric Ineke, drums. Organisatie: Jazzstichting Hothouse Redbad. Belangstelling: 98 personen.
LEEUWARDEN - De naam van de Amerikaanse altsaxofonist Lee Konitz (1927) werd rond 1950 gevestigd toen hij met pianist Lenny Tristano ging spelen, een van de grondleggers van de cool jazz. Een nogal intellectualistische stroming, die slechts kort heeft bestaan maar wel enorm in de publiciteit kwam. Konitz was een van de weinige altisten uit die tijd die zich aan het allesoverheersende Charlie Parker-idioom ontworstelde.

Hij is later wel anders gaan spelen, wat swingender, al heeft hij altijd zijn gepolijste, vibratoloze toon behouden. Gistermiddag in Leeuwarden leek hij zich echter weer meer in de richting van zijn eigen "roots" te bewegen. Hij hield zich verre van passie en rauwe expressiviteit, zijn improvisaties hadden een duidelijk verstandelijk karakter. Toch was zijn introverte spel beslist niet kil of gevoelloos. Er sprak veel warmte uit en vooral een subtiel gevoel voor schoonheid.

Op twee punten verschilde de Konitz-van-nu belangrijk met die uit de Tristano-tijd. Hij zoekt het niet meer zozeer in de atonaliteit, maar in het melodieuze, en bovendien was er bij dit concert sprake van een vrije ritmiek. Geen stuk ging helemaal "in vieren", er waren voortdurend tempo-onderbrekingen. Geen dagelijkse kost voor het begeleidende trio van Rein de Graaff, dat er soms wat onwennig mee om leek te gaan.

Vooral voor De Graaff zelf leek dat een handicap, want hij is op zijn best in het stomende hard-bop-genre. Hij kon zich niet helemaal geven, behalve in Charlie Parkers "Cool blues", het slotnummer. Daar doorspekte hij zijn solo met funky riffs. Drummer Eric Ineke heb ik nog nooit zo subtiel horen spelen; als solist in "Solar" gebruikte hij zelfs alleen zijn bekkens. Bassist Koos Serierse was gistermiddag in topvorm met complexe, melodieuze solos.

Een hoogtepunt voor de pauze was het duet van Konitz en Serierse in "Body and soul", waarbij opviel hoe Konitz onderhuids toch kan swingen. In de tweede helft van het concert viel speciaal de schitterende bewerking van de ballad "Loverman" op, dat net als "Body and soul" bijna onherkenbaar werd geparafraseerd.

SIKKE DOELE